Jesus Christ Superstar

Kerk in Stad juni 2006

Het moet tweeëndertig jaar geleden zijn dat ik voor het eerst de rockmusical ‘Jesus Christ Superstar’ zag en hoorde. In een bioscoop in Utrecht onderging ik de overrompelende mix van beeld en muziek van de veelbesproken filmversie. Ik was nét het huis uit en wist dat de film noodgedwongen voorbij ging aan veel kerkelijke leeftijdgenoten die nog thuis woonden. Een musical met rockmuziek over het lijden van onze Heer Jezus Christus? Dat ging te ver. Ze mochten er niet heen. Natuurlijk bleek dat velen het stiekem toch deden.

Dat de film indruk maakte lag niet alleen aan de muziek en de beelden. Ook de manier waarop het lijdensverhaal werd benaderd was nieuw voor me. Geen zogenaamd ‘historisch getrouwe’ weergave, maar een 20ste eeuwse interpretatie. Niet een stuk dat de pretentie had de ware toedracht te verhalen, of de waarheid te verkondigen, maar een visie op Jezus en op mensen om hem heen. Vooral Judas en Maria Magdalena kwamen daarbij heel anders uit de verf dan in de evangeliën. Om van de latere kerkelijke traditie maar te zwijgen. Menselijker, begrijpelijker, tragischer.

Half mei bezochten we met ruim twintig jongeren uit de wijkgemeente rond De Fontein de Nederlandstalige versie van de musical in Martiniplaza. Weer ging het niet om de versie van het evangelieverhaal, maar om een interpretatie. Regisseur Paul Eenens schreef: “Onze interpretatie van Jesus Christ Superstar is ontstaan vanuit een oprechte fascinatie voor Jezus Christus. Het is een zoektocht naar de waarde en de betekenis van Jezus en zijn nalatenschap in onze tijd. Gemaakt vanuit het geloof dat één persoon een verschil kan maken.” Ik dacht niet dat er nu ouders waren die er moeite mee hadden hun kinderen mee te laten gaan. Maar de ervaring bij de jongeren was vergelijkbaar met de mijne van ruim dertig jaar geleden. De meesten kenden de muziek niet, de rockmuziek van toen wordt door hen vrijwel niet beluisterd. Maar het kwam wel aan: het verhaal van overgave en verraad, liefde en lijden, wreedheid en machtsspel raakte ook deze generatie. Er zal in juni nog over worden nagepraat en ik ben benieuwd of er raakvlakken zijn met toen.

In de pauze kwamen we een paar gemeenteleden tegen die de musical toevallig diezelfde avond op eigen gelegenheid bezochten. De muziek was ze soms wat te hard en ook vonden ze de teksten niet allemaal even goed te verstaan. Maar het geheel maakte wel indruk. Eén van de bezoekers had in de jaren zeventig zelf kinderen in de middelbare schoolleeftijd. “Mochten uw kinderen destijds naar de film?” vroeg ik haar. “We hebben het ze niet verboden, maar zeiden wel dat we liever niet hadden – en ze zijn toen maar niet gegaan” zei ze met een lichte blos. “U gaat ze toch wel vertellen dat u nu zelf wel geweest bent?” vroeg ik “Ze weten dat ik vanavond zou gaan. Ze waren het er helemaal mee eens!” lachte ze. Vroeger was niet alles beter

Jesus Christ Superstar - teksten Tim Rice, muziek Andrew Lloyd Webber

ds Ynte de Groot